Trophy project

Transformatie Museum Paleis Het Loo

Architect
Afwerking
Dealer
https://www.sigbenelux.com
Type project
Type gebouw
Saint-Gobain merken
Editie
9e editie - jaargang 2024
Locatie

Koninklijk Park 16
7315 JA Apeldoorn
Nederland

Project voltooid op
Afbeelding

Situatiebeschrijving

Paleis Het Loo, gelegen aan de rand van Apeldoorn, is het grootste authentieke 17e-eeuwse paleis van het Huis van Oranje. In 1684 kochten stadhouder Willem III, achterkleinzoon van Willem van Oranje, en zijn vrouw Mary II Stuart het middeleeuwse kasteel het Oude Loo aan, om ernaast een nieuw jachtverblijf te bouwen. Het werd een vierkant hoofgebouw in classicistische stijl met aan weerszijden zijvleugels.

Mary II Stuart, ging het paleis echter gebruiken als buitenverblijf en daarna zijn de Nederlandse stadhouders en koningen het paleis, tot 1975, als zomerresidentie blijven gebruiken.

In de loop van de eeuwen is er regelmatig gebouwd en verbouwd aan zowel het paleis als ook de tuinen. Stadhouder Willem III liet het paleis uitbreiden met vier paviljoens, maar onder de Franse koning Lodewijk Napoleon onderging het paleis, rond 1806, de meest drastische verandering en werd het paleis gerestyled in de Empirestijl. Medio negentiende eeuw, werden er door koning Willem III nog enkel zalen aangebouwd, liet Koningin-regentes Emma vervolgens elektriciteit aanleggen en bracht koningin Wilhelmina het paleis weer terug in de 17e-eeuwse staat.

Prinses Margriet en mr. Pieter van Vollenhoven waren de laatste bewoners van het paleis. Vanaf 1977 tot 1984 vond er een ingrijpende restauratie plaats van het paleis en de tuinen. Deze werden teruggebracht in de oorspronkelijke 17e-eeuwse staat en het paleis werd ingericht als museum.

Van 2018 tot en met 2023 is het paleis opnieuw gerenoveerd en zijn de bezoekersfaciliteiten uitgebreid. Daaronder ook de, voorheen door de familie Van Vollenhoven bewoonde, Oostvleugel.

Uitdaging

Problemen kennen we niet, uitdagingen uiteraard wel en deze waren zeer uitlopend op het gehele project. Allemaal passend bij een dergelijke grote renovatie waarbij lang niet alles (lees: veel niet) op papier stond en waar vaak ter plaatse oplossingen bedacht moesten worden. De offerte aanvraag was van voor de Coronapandemie, maar de uitvoering viel midden in deze (voor iedereen) lastige periode. Als communicatie en overleg, wat op een bouwplaats vanzelfsprekend is, ineens niet meer kan op de voor iedereen bekende manier, dan wordt een, toch al niet doorsnee, afbouwproject plots nóg complexer. Veel communicatie verliep noodgedwongen via Teams en video-overleg op afstand. Bedrijfsleider en tevens verantwoordelijk projectleider Rob Kreté heeft vaak op een parkeerplaats, genietend van zijn boterham en koffie en computer op het stuur, de online-vergaderingen 'bijgewoond'. De looptijd van het project werd niet alleen door de pandemie fors langer, maar ook door de lekkage van de gigantische betonnen kelderbak / ondergrondse en het uitblijven van goedkeuring van het daarop betrekking hebbende herstelplan. Het museum-gedeelte heeft  vervolgens en aanvullend flinke vertraging opgelopen door een conflict tussen BAM en de opdrachtgever over het wel al dan niet aanbrengen van verstevigende lateien in de bestaande wanden. Wij konden daardoor pas veel later op dat deel met de binnen afbouw gaan starten waardoor de planning alsmede de werkdruk verder werden opgevoerd.  

We zijn gestart op dit project met de bekleding van de schuine kap van het kantoorgebouw. Op dat moment was het tekenwerk van de bulk-werkzaamheden nog niet klaar en was ook de planning van de werkzaamheden nog niet duidelijk; onbegrijpelijk voor een project met deze omvang! BAM gaf ons steeds, zes weken voor aanvang, op waar we met onze werkzaamheden verder konden en daar werd de bezetting qua monteurs op afgestemd. Deze omstandigheid werd een uitdaging die uiteindelijk zorgde voor hoofdbrekens omdat er geen enkele continuïteit in voortgang en bezetting mogelijk was. Het afstemmen van de kwantiteit én kwaliteit van monteurs werd balanceren op een slap koord waarbij het voor ons al snel financieel niet meer te sturen werd en er door ons aan de rem werd getrokken. Vervolgens is afgedwongen dat er voldoende werkzaamheden uitgevoerd moesten kunnen worden voordat Schuurmans Afbouwsystemen BV een doorloopplanning af kon en wilde geven. Daarnaast werden eerste de financiële gevolgen daarvan in kaart gebracht en ingediend. 

Als afbouwbedrijf hebben we, qua techniek, vele uitdagingen gehad. Het gaat echter te ver om alles te beschrijven; veel is gewoon inherent aan renovatie werkzaamheden. We beperken ons daarom tot een paar opvallende toepassingen van Metalstud en aanverwanten. Deels waren deze toepassingen nieuw voor ons en zijn ons mede daarom het beste bijgebleven. Omdat een 'pennenstreek' op tekening geduldig wacht op de juiste praktische en uitvoerbare oplossing, hadden we al in een vroeg stadium nauw contact met de technische afdeling van Gyproc. Wandopbouwen en dito eigenschappen moesten voor wat ons betreft met gepaste spoed worden verzameld teneinde dit ook met onze opdrachtgever te kunnen communiceren. Maatwerk zorgt immers doorgaans voor prijsverhogende consequenties in een begroting en deze moest zo veel als mogelijk transparant zijn vóór aanvang.

 

Onderstaande onderwerpen belichten we daarom inhoudelijk verder in deze presentatie onder hoofdstuk OPLOSSING:

  1. Voorzetwanden met Aquaroc beplating als ondergrond voor natuursteen, alsmede bij de overgang naar een andere beplating;
  2. Prefab brandwerende basisombouw voor inbouw brandhaspelkasten in samenwerking met Saint-Gobain Gyproc en Ligno;
  3. WK2 inbraak werend plafond en -wanden van het 'vogelhuisje' in de Westvleugel;
  4. Metalstudplafonds en bekleden van de schuine kap (zolder) van het kantoorgebouw; 
  5. Toiletwanden met een hoog niveau maatvoeringdetails en diverse wand bekledingen waaronder leer;
  6. Trapwanden en -voorzetwanden vanuit de ondergrondse naar boven uitgevoerd met Aquaroc.

 

Overige projectkenmerken:

Onze werkzaamheden hebben plaatsgevonden in onderstaande bouwdelen:

  • Westvleugel
  • Oostvleugel
  • Kantoorvleugel
  • Ondergrondse uitbreiding (Basse-cour)

In totaal zijn er 26 verschillende wandtypen, 18 verschillende voorzetwanden en 9 verschillende plafondopbouwen toegepast; het totaal daarvan is 100.000 m2 plaatmateriaal.

Alle wanden en voorzetwanden zijn klasse A afgewerkt, alle plafonds klasse B en er is veel gebruik gemaakt van L-trim afwerkprofielen.

Gyproc Prolock en ALU inspectieluiken zijn er in diverse afmetingen toegepast het gehele project.

Video testimonials

Oplossing

  1. De voorzetwanden in het entree-gebied en (deels) toiletruimten, welke als ondergrond voor de natuursteen afwerking zijn uitgevoerd, bestaan uit ruggelings gekoppelde C-profielen van 75 mm h.o.h. 400 mm, gesteund naar de achter constructie. Daarop is een enkele Aquaroc-beplating gemonteerd welke de stabiele ondergrond voor het natuursteen waarborgt (wandcode GF 88 AR V / 75.1, pagina 18 Gyproc detailboek). Ter plaatse van de glazen lift is een speciale opbouw bedacht omdat daar aan stabiliteit (hoogte en natuursteen) én brandwerende eigenschappen voldaan moest worden (wandcode GF 200 WR AR / 50.1.75.5.A, pagina 14-15 Gyproc detailboek). Tussen het hulpframe en het plaat dragende frame is een enkele laag WR-beplating aangebracht en op het plaat dragende frame een dubbele laag WR-beplating. Als derde laag is een 12,5 mm dikke Aquaroc beplating gemonteerd (zie tek. D45.Horizontaal). In het frame is op de aangegeven plaatsen achterhout aangebracht om de verankering voor de natuursteen boven 2 m1 hoogte aan te brengen. Ook is zowel het frame als ook de Aquaroc beplating gedilateerd (zie tek. D44.Horizontaal) en zijn de dilataties in het wandvlak vrijwel onzichtbaar opgenomen (zie aanzicht tek. E2.B). Extra aandacht daarvoor was noodzakelijk omdat het patroon van de natuursteen in wandaanzichten was uitgewerkt. In overleg met Gyproc is de maximale afstand tussen de dilataties van de Aquaroc naar zeven platen gegaan. De stuiknaden van de Aquaroc onderling zijn verlijmd. Deze niet-standaard wandopbouw heeft alles te maken met een gegarandeerde stijfheid van de voorzetwand gezien het forse gewicht van 55 kg/m2 van het natuursteen wat op de Aquaroc is verlijmd. De Aquaroc is tevens 'rustend' op de vloer gemonteerd; dit om het uiteindelijke gewicht van het natuursteen te kunnen dragen. Gyproc heeft gedegen onderzoek gedaan om deze voorzetwand samen te stellen en uiteindelijk de juiste materialen én opbouw in een nieuwe wandcode gegoten.

    Ter plaatse van de hoge videwand op de begane grond, waar tevens natuursteen op is gemonteerd, is gebruik gemaakt van gekoppelde 125 mm profielen met Aquaroc-beplating. Het in één lijn doorbouwen van deze voorzetwand was alleen mogelijk met een extra constructie (stalen hoeklijn met houten balken) om de overgang van Aquaroc naar een dubbele plaat Habito te monteren én in één lijn te houden. De later aangebrachte natuursteen loopt namelijk in hetzelfde vlak door als de daarboven gemonteerde en gedilateerde beplating (zie tek. D37.Verticaal). Ten slotte nog een verwijzing naar de afwijkende montage van de aansluiting wand-plafond ter plaatse van het Grand-Foyer (zie tek. D43.Verticaal). Overige opbouw voorzetwand en hulpframe geheel conform hierboven omschreven voorzetwand.
     
  2. Gezien de strakke maatvoering (alles in één vlak)  van de voorzetwanden, zoals hierboven beschreven, hebben we voor de inbouw van de brandslaghaspelkasten (door derden) gekozen voor prefab ombouwen die als basis dienen voor plaatsing van deze kasten. In eigen beheer ( in onze werkplaats beschikken we over geavanceerde CNC- en zaagmachines)  is het geprefabriceerd aanleveren van deze kasten, bestaande uit 20 mm dikke Glasroc beplating, geen 'rocket science'. Toch is het, het vernoemen waard omdat we als afbouwbedrijf naast dit product ook andere, vaak hout gerelateerde, hulpconstructies voor dit project hebben toegepast uit 'eigen keuken'. De basisconstructie van bijvoorbeeld alle lichtlijnen in de plafonds zijn ook prefab in eigen beheer gemaakt en aangebracht. Daarbij kwam ook, dat door de korte lijnen alle mogelijke aanpassingen in de werkplaats tot op het laatste moment mogelijk waren (zie tek. D71.Horizontaal/Verticaal).
     
  3. Het 'vogelhuisje' is gesitueerd in de Westvleugel en is volledig (lees: plafond, wand en vloer) WK2 uitgevoerd (wandcode GF 125 HT/ 2.75.2.A -WK2). Daartoe is gekozen voor een opbouw met enkel en/of dubbel Metalstud, voorzien van Habito beplating. In het Gyproc detailboek staan deze configuraties uitgewerkt (pagina 8-9-10) maar het meest opvallend is de opbouw van de schuine wanden (plafond,  GF 270 HT / 2.75-75.2.A -WK2). De hoofd draagconstructie is een houten balklaag van 220 mm in een staalconstructie. De balkhoogte is volledig opgevuld met twee Metalstudframes waarvan er één is voorzien van 75 mm Isover glaswolisolatie. Beide frames zijn voorzien van een dubbele laag Habito 12,5 mm waarbij deze beide lagen beplating aan onder- en bovenzijde over de balklaag zijn doorgezet, met een totale opbouw van 270 mm tot gevolg. Uiteraard is alles gemonteerd conform de WK2 eisen en is er dus sprake aangepaste schroefafstanden voor de eerste en tweede plaatlagen.
     
  4. In de kantoorvleugel zijn op de begane grond, 1e en 2e verdieping (zolder) Metalstudplafonds aangebracht. De oude/bestaande schuine kap van de zolder is volledig geïsoleerd en voorzien van 15 mm gipskartonplaat. Deze ruimten onder de schuine kap dienen als technische ruimte en nagenoeg alle installaties waren er al geplaatst voordat we aan de kap konden beginnen. Logistieke uitdagingen om de benodigde materialen daar te krijgen waren daardoor inbegrepen, los van de enigszins lastige montage! Als bijlage zijn het tekenwerk van de schuine kapbekleding en het renvooi bijgevoegd. Dit waren ook de eerste door ons uitgevoerde werkzaamheden van het gehele project. Het gesegmenteerde plafond ter plaatse van het hoekpaviljoen is tevens volledig 'verpakt' met isolatie (Rc=3,5) Metalstud en beplating. Daartoe is de volledige ruimte vooraf voorzien van steigerwerk. Het klasse B afgewerkte plafond loopt vervolgens uit op eerder beschreven voorzetwanden welke met natuursteen zijn bekleedt. Foto- en filmmateriaal wat we hebben bijgevoegd verduidelijken deze omschrijving.
     
  5. De toiletgroep in het sanitaire deel was een project op zichzelf. Niet zo zeer qua kwantiteit maar vooral de kwaliteit. Aansluitdetails en strakke maatvoering laten, verschillende materialen en dikten, samen komen in een zeer luxe eindresultaat. Wanden met enkele en dubbele beplating voorzien van WR vormen het grootste deel van de indelingen (wandcode GF 100 / 2.50.2 en GF 100 / 1.75.1). Seriematig ingebouwde toiletframes met eindafwerking van wederom tegelwerk en natuursteen, waarbij tevens alles in één lijn moest staan zodra de eindafwerking was aangebracht, maakt het geheel van de sanitaire ruimte compleet. Fronten aan de buitenzijde van de toiletunits zijn volledig met leer bekleedt met slechts een naad die de uiteindelijke deuren kaderen. De door ons gestelde kozijnen, zijn vanaf de buitenzijde gezien volledig weggewerkt en letterlijk opgenomen in de wanden. Voegen van tegelwerk moesten worden uitgelijnd en strokend zijn van wand naar vloer. Als gevolg daarvan zijn de binnenruimten volledig op tegelmaat uitgezet en gebouwd. Neem daarbij op dat er verschillende dikten wand(eind)afwerking zijn gebruikt waardoor er rekening gehouden moest worden met het op mm-niveau plaatsen van het Metalstud frame. In bijlagen is document UO-760 bijgevoegd om nadere detaillering te bekijken. Tevens is er een foto van een eindafwerking met het beschreven leer bijgevoegd.
     
  6. De trapvoorzetwanden ter plaatse van de Oostvleugel (voorheen bewoond door prinses Margriet en mr. Pieter van Vollenhoven) zijn deels voorzien van Metalstud voorzetwanden met daarop de eerder beschreven Aquaroc-beplating (wandcode GF 88 AR / 75.1, pagina 18 Gyproc detailboek). Deze voorzetwanden 'vullen' de hoofdconstructie van de trappen in diverse richtingen teneinde  de natuursteen bekleding, in vooraf uitgewerkt patroon, te kunnen dragen. Ook hier is voornamelijk in het werk creatief met staal, (veel) hout en beplating omgegaan omdat de detaillering en maatvoering op papier zeer summier was. Extra aandacht is, ook hier, gegeven aan maatvoering en dilatatieoplossingen in de onderconstructie. Tekeningen 755.1 / 755.2 en D05.Verticaal laten zien hoe/waar de trappen gepositioneerd zijn. In de map met fotomateriaal zijn de verschillende fasen van de op- en afbouw van deze voorzetwanden weergegeven.