Trophy project

SAWA Rotterdam

Aannemer
Verwerking
Dealer
CMI afbouw materialen BV
Type project
Type gebouw
Bouwdeel
Markt
Saint-Gobain merken
Editie
10e editie - jaargang 2026
Locatie

Lloydstraat 1
3024 EA Rotterdam
Nederland

Project voltooid op
Afbeelding
de trappen van SAWA van buitenaf

Situatiebeschrijving

Het Gezondste gebouw van Nederland

Vanuit de overtuiging dat woningbouw méér moet doen dan alleen woningen toevoegen, gingen NICE Developers in gesprek met buurtbewoners. Samen ontwikkelden zij een concept dat écht iets bijdraagt aan Rotterdam. Met dat plan stapten ze naar de gemeente en presenteerden SAWA: het eerste houten woongebouw van de stad en met 50 meter tegelijk het hoogste houten gebouw van Nederland. SAWA is typisch Rotterdams: stoer en krachtig in uitstraling, met een duidelijke zachte kant. Groene balkons, veel hout en ruimte voor planten geven het gebouw een warme, menselijke sfeer.

 

De keuze voor hout is bewust. Waar beton CO₂ uitstoot, slaat hout juist CO₂ op. Bovendien wordt voor elke gekapte boom vier nieuwe bomen teruggeplant.

Ook biodiversiteit speelt een grote rol: vogels, insecten en planten krijgen hier letterlijk de ruimte. Het doel is helder: SAWA moet het gezondste gebouw van Nederland worden.

Dat het concept bijzonder is, bleek al snel. In 2020 won SAWA zijn eerste prijs: de ARC20 Innovatie Award, unaniem toegekend door de vakjury. Inmiddels heeft het gebouw maar liefst 9 awards op zijn naam staan.

 

2020

  • ARC20 Innovatie Award

2021

  • Green GOOD DESIGNTM Award

     

  • World Architecture Festival - Experimental Future Projects

     

  • International Design Awards - rchitecture/Sustainable Living/Green

     

2022

  • Architecture MasterPrize

     

2023

  • Architizer A+ Sustainability Awards - 

     

  • Populair Choice - DNA Paris Dsign Awards

     

2024

  • Rethinking The Future Awards

     

2025

  • Nationale Houtbouwprijs 2025 - Vakjury overall-prijs

     


 

Uitdaging

Metalstud in houtbouw

De afbouw van het project omvat een scala aan opbouwen voor woning- en gangscheidende wanden met een dubbel frame en dubbele beplating, Binnenwanden met een enkel frame en enkellaags beplating maar ook wanden zonder frame waar Firebloc en RF-platen zijn gebruikt om het houten casco brandwerend te bekleden. De wanden zijn geplaatst tussen de CLT-vloeren en veelal in de geraamten van de CLT-constructie. Aan zowel onder- en bovenzijde is het geheel afgedicht met een profielbrede foamband om zoveel mogelijke af te dekken van mogelijke luchtlekken.

 

Door zorgvuldige uitvoering van de randaansluitingen wordt conform de GYPROC attesten gemonteerd en een hoge mate van luchtdichtheid behaald. Ondanks zorgvuldige aansluitingen, verderop verder uitgelegd, bracht het werken in een CLT constructie andere uitdagingen met zich mee. In de CLT-constructies konden installaties immers nauwelijks worden weggewerkt, waardoor deze grotendeels zijn opgenomen in de metalstud wanden. Of gemonteerd voor de wanden waren gesloten. In combinatie met de hoge luchtdichteisen van de woningscheidende wanden, die in het gehele gebouw in metalstud zijn uitgevoerd, ontstond een aanzienlijke uitdaging. Aansluitingen tussen deze disciplines binnen de wanden werden hierdoor kritisch en vroegen om precisie in zowel detaillering als uitvoering. Tijdens het project zijn vele blowerdoortesten uitgevoerd en oplossingen geprobeerd om de integratie van installaties luchtdicht uit te voeren. Speciale tapes, liquid rubber, glasroc bakken en extra dichte dozen zijn allemaal uitvoerig toegepast en getest.

 

Daarnaast waren de installaties een behoorlijke aanslag op de monteurs vanwege het verloop op de vloer tijdens de montage werkzaamheden.

 

Daarbovenop kwam de logistieke complexiteit van een snelle montage in een gebouw met veel verschillende woningindelingen en zeer beperkte ruimte op de bouwplaats. Tegelijkertijd was er onzekerheid over de snelheid van de opbouw van het houten casco en moest afval, middels maatwerk beplating en profielen, tot een minimum worden beperkt.

 

Bouwtechnische uitdagingen

De binnenwanden in SAWA staan tussen de houten kolommen en verdiepingsvloeren. Houten vloeren gedragen zich anders dan beton: ze zijn lichter, veerkrachtiger en hebben een andere akoestische werking. Om te voldoen aan de geluidseisen en benodigde constructieve ballast, ligt er een grindlaag op de houten constructievloer, met daarboven isolatie en de afwerkvloer. Deze vloer komt weer tegen de MS-wanden aan. Naast dat een houten vloer zich anders gedraagt, is het ook lastig te voorspellen hoe het zich gedraagt. Bij een betonnen constructie weet je precies hoeveel de vloer doorzakt. In deze situatie was dit niet bekend, en daarom moest er rekening gehouden worden met 2cm doorzakking. Om te voorkomen dat de gipsplaten scheuren door de last van het hout, is een glijdende aansluiting toegepast met verhoogde U-bakken en prefab 2-laags glasroc strook tussen wand en CLT-constructie en een Stucstop als beëindiging voor de beplating. Om de luchtdichtheid te behouden worden aan beide kanten van de stroken foambanden toegepast, plus een afwerking van de hoek met een kitstrook.

In de praktijk bleek het hout echter nauwelijks door te buigen, waardoor de opengebleven ruimte boven de gipsplaten zichtbaar bleef. Deze zijn uiteindelijk dichtgezet en afgewerkt zodat dit niet te zien is.

Dit is een van de grootste leermomenten van het project. Integratie tussen Constructie en wanden is essentieel.

Een extra uitdaging was de integratie met installaties. In de CLT-constructies zijn installaties nauwelijks weg te werken, waardoor de afbouw en installatietechniek vanaf het begin integraal moesten worden ontworpen en uitgevoerd.

Omdat alle woningscheidende wanden in SAWA volledig uit metalstud bestaan, zijn alle aansluitingen op andere disciplines kritisch. Openingen zoals stopcontacten kunnen een doorgang zijn voor lucht, en daarmee zowel de brandwerendheid als geluidsisolatie tussen de woningen verslechteren. Tijdens het project zijn er daarom meerdere detailleringen aangepast op basis van blowerdoortesten om de luchtdichtheid te optimaliseren. Door nauwe betrokkenheid bij de testen zijjn oplossingen middels tape, en liquid rubber gevonden welke de standaard worden binnen toekomstige projecten.

 

Logistiek

Ook logistiek vroeg dit project om een andere aanpak. De opbouwsnelheid van het houten casco was, door het pionierende karakter, minder voorspelbaar dan bij traditionele bouw. Tegelijkertijd was de ruimte op de bouwplaats zeer beperkt. Beschikbare ruimte werd grotendeels ingenomen door de houten casco-onderdelen. Bovenop de uitdagingen in het tempo en ruimte op de bouw, kwamen de vele koperswensen. Vrijwel elke woning had een andere indeling of slaapkamerconfiguratie. Dit vroeg om strakke coördinatie met installateurs en leveranciers, plus een hoge mate van afstemming in planning en uitvoering.

Uiteindelijk was het doel om zo efficiënt mogelijk te monteren, zo min mogelijk afval te produceren en flexibel te blijven vanwege de vele variatie tussen woningen. De oplossing lag uiteindelijk in maatwerkpakketten: volledig maatvast, per woning samengesteld en grotendeels geschroefd aangeleverd. Dit bood voldoende flexibiliteit om verschillen per woning op te vangen. Bij levering werden deze pakketten zo snel mogelijk in de juiste woning opgeslagen. Dit maakte het later mogelijk om in één keer door te bouwen en gaf installateurs de ruimte om sneller en efficiënter te werken. Om de impact op het milieu verder te minimaliseren zijn de leveringen zoveel mogelijk afgestemd op het maximale laadvermogen van de vrachtwagen en op locatie verdeeld. De vrachten die dan toch kwamen zijn volledig gedaan door vrachtwagens op HVO en met elektrische kooien.

Het verticale transport is gedaan middels de kraan van de hoofdaannemer. Kortom door de Gyproc maatwerk pakketten wordt het interne transport, de belasting op de monteurs en de hoeveelheid afval geminimaliseerd.

Door optimaal geladen vrachten gecombineerd met HVO brandstof is de transport impact gereduceerd. Ditgeen aansluitend op karakter van het project.

 

Oplossing

SAWA is in basis ingestoken met de bouwmethodiek van een traditioneel ms-project. Al snel bleken de standaard aansluitdetails niet afdoende om het project te kunnen realiseren binnen de flexibiliteit die het project vroeg. Een uitgebreid engineeringstraject is gestart om gezamenlijk met de betrokken partijen een zo integraal mogelijk geheel te creëren.

Vanuit de uitgebreide sessies is het project opgestart met het idee dat met alle uitdagingen en gedragingen rekening is gehouden. Tijdens de uitvoering bleek dit anders en zijn vele lessen geleerd. Onderstaand een greep uit de lessen welke een andere zienswijze en insteek opleveren voor onze toekomstige projecten;

  • Luchtdichtheid in de m.s. wanden vraagt significante aandacht; vooral de doorvoeren en openingen zijn cruciaal;

     

  • Integratie van installatie kan vele voordelen opleveren (vooral als het niet wordt ingestort);

     

  • Gedrag van casco heeft grote invloed op uitvoering en systematiek van de ms-wanden; bij toepassing van dikkere vloerpakketten of ballastlagen zijn maatregelen nodig;

     

  • Doorbuiging van groot belang voor de m.s.;

     

  • Acceptatie prefab onderdelen; door prefab onderdelen kan veel tijd worden bespaard terwijl de kwaliteit wordt verbeterd;

     

  • Binnen de huidige systematiek is nog veel ruimte voor materiaal- en CO2-besparing.